Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 13 oktober 2016
[X] B.V., te [Z] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Amsterdam, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- of de crisisheffing mogelijk is op grond van de Wet LB;
- of de crisisheffing in strijd is met het gelijkheidsbeginsel als bedoeld in artikel 14 van Pro het Europese Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM) en artikel 26 van Pro het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (hierna: IVBPR);
- of de crisisheffing in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM (hierna: EP);
- of de crisisheffing in strijd is met artikel 7 van Pro het EVRM.
- dat zij van overheidswege onnodig is blootgesteld aan onvoorziene risico’s;
- dat beslissingen ten aanzien van het personeelsbestand anders zouden kunnen uitvallen, waarbij eiseres als voorbeeld wijst op vaststelling van bonussen en inwilligen van verzoek om uitbetaling van vakantiedagen in verband met ernstige ziekte van een werknemer;
- dat het bedrag beschikbaar voor investeringen (in personeel) en bedrijfsprocessen sterk is gereduceerd, hetgeen van invloed is op concurrentieverhoudingen met het buitenland.
Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;