ECLI:NL:RBGEL:2017:4271
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek levensonderhoud voor kleinkinderen door ontvangen pleegzorgvergoeding
Eiser verzorgde in 2013 zijn inwonende kleinkinderen, die jonger dan 21 jaar waren en bij hem stonden ingeschreven. Hij ontving een pleegzorgvergoeding van €20.388 en voerde in zijn belastingaangifte een persoonsgebonden aftrek van €4.740 op voor hun levensonderhoud. De Belastingdienst wees deze aftrek af omdat de kleinkinderen niet als pleegkinderen konden worden aangemerkt.
De rechtbank bevestigde dit oordeel. Hoewel de kleinkinderen aan de opvoedingseis voldeden, werd de onderhoudseis niet vervuld omdat eiser een substantiële vergoeding ontving voor de verzorging. Hierdoor droeg hij niet in belangrijke mate zelf bij aan de kosten, wat anders zou gelden bij eigen kinderen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situatie niet vergelijkbaar was met eerdere jurisprudentie.
Eiser stelde ook dat de wetgeving onrechtvaardig was en het Verdrag inzake de Rechten van het Kind werd geschonden, maar kon dit niet onderbouwen. De rechtbank wees het beroep ongegrond en verwierp ook het beroep tegen de belastingrente. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat de onderhoudseis niet is vervuld door de ontvangen pleegzorgvergoeding.