ECLI:NL:RBGEL:2022:7365
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen ondernemerschap zoon in vof en afwijzing hoger winstaandeel en arbeidsbeloning
Een man en vrouw drijven een bloemenhandel in vof-verband. Hun 15-jarige zoon was gedurende enkele maanden als vennoot ingeschreven. De zoon vroeg een hoger winstaandeel en arbeidsbeloning toe te kennen dan aanvankelijk was opgegeven.
De rechtbank stelt vast dat de zoon onvoldoende feiten heeft aangevoerd om als ondernemer te worden beschouwd. Zijn inschrijving bij de Kamer van Koophandel is niet doorslaggevend, en er is geen bewijs dat hij rechtstreeks verbonden is aan verbintenissen van de onderneming. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat hij een zakelijke arbeidsbeloning van €12.000 verdient, mede gelet op zijn leeftijd en leerplichtige status.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van het verzoek om ambtshalve vermindering van de aanslag inkomstenbelasting. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om ambtshalve vermindering van de aanslag inkomstenbelasting wordt afgewezen.