Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de inspecteur van de belastingdienst, kantoor Arnhem, verweerder.
Inleiding
Feiten
Toedeling
Ingehouden loonheffing
€ 7.080
€ 554
Ingehouden loonheffing
€ 4.428
€ 2.261
Ingehouden loonheffing
€ 5.304
€ 1.257
Ingehouden loonheffing
€ 4.424
€ 332
Ingehouden loonheffing
€ 3.493
€ 635
- het voor raadpleging beschikbaar stellen van bescheiden of de inhoud daarvan, en deze in valse of vervalste vorm voor dit doel beschikbaar stellen, in casu bankafschriften en een jaaropgaaf; en
- het opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist of onvolledig doen, dan wel het feit begaan, omschreven in artikel 68, eerste lid, onderdeel c, van het Wetboek van Strafrecht, waarbij het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven in casu de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2016.
“Opmerking verbalisant:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Opmerking verbalisant:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Opmerking verbalisant:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Opmerking verbalisant:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Opmerking verbalisant:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Vraag verbalisant:
Antwoord gehoorde:
Beoordeling door de rechtbank
- Heeft verweerder terecht geen aftrek voor ingehouden loonheffing voor loon van de vennootschap geaccepteerd?
- Heeft verweerder terecht geen aftrek voor betaalde partneralimentatie geaccepteerd?
- Kan eiser een geslaagd beroep doen op het vertrouwensbeginsel en/of het ontbreken van een nieuw feit en/of code 1043?
- Zijn de vergrijpboetes terecht opgelegd, en zo ja, tot de juiste bedragen vastgesteld?
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- veroordeelt verweerder tot een vergoeding van immateriële schade aan eiser van in totaal € 1.500;
- draagt verweerder op het door eiser betaalde griffierecht van in totaal € 49 aan eiser te vergoeden.