ECLI:NL:RBGEL:2025:6471
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing resterende energietoeslag wegens onvoldoende motivering
Eiser diende een aanvraag in voor de resterende energietoeslag 2023, die door het college werd afgewezen op grond van een te hoog gezamenlijk inkomen en de veronderstelling dat eiser samenwoonde met mevrouw A, die op hetzelfde adres stond ingeschreven. Eiser betwistte dit en stelde dat er sprake was van een mondelinge huurovereenkomst en dat hij geen inkomen had, maar van spaargeld leefde.
De rechtbank oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het inkomen van eiser te hoog zou zijn en waarom het vermogen als inkomen werd aangemerkt, terwijl de beleidsregels expliciet stellen dat vermogen niet wordt meegeteld. Ook was de motivering van het besluit inconsistent en onduidelijk over de afwijzingsgronden.
Verder stelde de rechtbank vast dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet samenwoonde met mevrouw A, waardoor het college terecht de aanvraag op dat punt betwistte. De rechtbank vernietigde het besluit vanwege de gebrekkige motivering en droeg het college op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij het griffierecht aan eiser wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen binnen zes weken.