3.6De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Gelet op het arrest van de van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 oktober 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:6575, komen de in het administratief beroep gemaakte proceskosten niet voor vergoeding in aanmerking, aangezien het sanctiebedrag wordt gematigd in verband met de omstandigheden waaronder de gedraging is verricht. Dit betreft niet een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. Aan het indienen van het beroep bij de kantonrechter en het verschijnen ter zitting van de kantonrechter dienen in totaal 2 procespunten te worden toegekend. De waarde per punt bij de kantonrechter bedraagt € 934. Gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 toegepast. Omdat de beslissing van de officier van justitie na 31 december 2023 is bekendgemaakt, wordt het bedrag van het beroepschrift bij de kantonrechter op grond van artikel 13a, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wahv vermenigvuldigd met factor 0,25. Dat geldt niet voor de verleende rechtsbijstand tijdens de zitting. Die werd verleend door een advocaat, die, naar hij heeft verklaard en daarom moet worden aangenomen, niet werkt op basis van no cure no pay. De betreffende matigingsfactor van 25% is daarom hierop niet van toe passing. De stelling van het Cvom dat voor het door de vorige gemachtigde ingediende beroepschrift geen proceskostenvergoeding moet worden gerekend, nu deze zich vóór de zitting heeft onttrokken, wordt niet gevolgd. Verder zal de kantonrechter voor het overleggen van een uittreksel van de Kamer van Koophandel van [betrokkene] B.V. een kostenvergoeding ten bedrage van € 2,95 toekennen, aangezien daaruit blijkt dat [bevoegde] bevoegd is betrokkene te machtigen. De officier van justitie zal derhalve worden veroordeeld in de kosten tot een bedrag van € 586,70 (= 1 x € 934 x 0,5 x 0,25 + 1 x € 934 x 0,5 + € 2,95). -verklaart het beroep gegrond en vernietigt de bestreden beslissing;
-verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking gedeeltelijk gegrond;
-wijzigt de beschikking, in die zin dat de sanctie wordt gematigd tot € 285;
-verklaart het beroep voor het overige ongegrond;
-bepaalt dat wat betrokkene teveel aan zekerheid heeft gesteld, door de officier van justitie wordt gerestitueerd;
-veroordeelt de officier van justitie in de proceskosten van betrokkene, begroot op € 586,70.
Deze beschikking is gegeven door de kantonrechter mr. F.J.H. Hovens, en in het openbaar uitgesproken op 29 april 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.
De griffier, De kantonrechter,
Rechtsmiddel:
Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzending van een afschrift hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, doch alleen indien:
a. de bij deze beslissing opgelegde sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. het beroepschrift niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld.
Het beroepschrift dient schriftelijk te worden ingediend bij de rechtbank Gelderland, Team strafrecht, Mulderzaken, kamer C.1.06, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem en dient door degene die beroep heeft ingesteld, of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend. Beroepschriften die per e-mail worden ingediend, kunnen gezien de wettelijke regeling niet in behandeling worden genomen.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarbij u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Een afschrift van deze uitspraak is aan betrokkene en de officier van justitie verzonden op: