Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van
in de zaken tussen
het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland, het college
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
- een (eerste fase) revisievergunning van 17 juni 2021 voor de productie van fijnchemicaliën door middel van batchgewijze en semi-continue processen;
- een (tweede fase) omgevingsvergunning voor het bouwen van de RTO van 21 juli 2021;
- een (onherroepelijke) omgevingsvergunning van 26 oktober 2022 voor de bouw van een betonnen funderingsplaat voor de RTO;
- een (onherroepelijke) omgevingsvergunning van 1 maart 2023 voor de bouw van een schoorsteen voor de RTO.
- bouwen: voor de bouw van de gewijzigde RTO-installatie, onder voorschriften;
- strijdig gebruik: voor het bouwen van een deel van de installaties hoger dan de toegestane hoogte volgens het bestemmingsplan, zonder voorschriften;
- milieu: voor het veranderen en in werking hebben van een (gewijzigde) RTO-installatie en een opslagtank voor ammonia, onder voorschriften. Volgens de aanvraag wijzigen de aard en essentie van de RTO-installatie niet. Als gevolg van gewijzigde technische inzichten, wijzigt wel de ruimtelijke oriëntatie en zijn er installatieonderdelen toegevoegd
Het beroep van de stichting (24/5012)
- Het bedrijventerrein heeft een industriële uitstraling;
- De hoogte van deze staalconstructies blijven ruim onder de maximaal toegestane hoogtes voor gebouwen, silo’s en installaties, waardoor deze staalconstructies qua hoogte al ondergeschikt zijn aan de overige bebouwing op het terrein;
- Wat betreft de uitstraling en het gebruik heeft dit bouwwerk een vergelijkbaar karakter. De overschrijding van 2,5 meter doet, gezien het karakter, van de direct omringende bouwwerken geen afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit van de locatie.
“uit de gewijzigde RTO-installatie geen geloofwaardig incidentscenario voortvloeit”en dat
“evenmin een lekkage van ammonia tot een geloofwaardig incidentscenario leidt”.Het college heeft zich dus op basis van een deskundigenadvies op het standpunt gesteld dat er vanuit het oogpunt van veiligheid geen bezwaren bestaan tegen het verlenen van de omgevingsvergunning. Nu het college in beginsel op een deskundigenadvies mag afgaan [10] en de stichting geen concrete twijfels naar voren heeft gebracht over dat advies, bijvoorbeeld met een tegenadvies, slaagt de beroepsgrond niet.
Het beroep van het bedrijf (24/4756)
“de ammonia opslagtank voldoet aan de volgende voorschriften van de Richtlijn PGS 31:2021 VERSIE 1.0 (augustus 2021):
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep van de stichting (24/5012) ongegrond;
- verklaart het beroep van het bedrijf (24/4756) gegrond;
- vernietigt voorschrift 6.1.2 van de veranderingsvergunning;
- veroordeelt het college tot betaling van de proceskosten van het bedrijf van € 1.903,60;
- veroordeelt het college tot vergoeding van het griffierecht van het bedrijf van € 371,00;