ECLI:NL:RBLIM:2024:2124
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Sluiting bedrijfspand wegens aantreffen voorwerpen bestemd voor illegale hennepteelt
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van de burgemeester om haar bedrijfspand en loods te sluiten voor zes maanden vanwege de aanwezigheid van voorwerpen en stoffen die gebruikt kunnen worden voor illegale hennepteelt. De voorzieningenrechter wees eerdere verzoeken van eiseres af, waarna zij beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting op grond van artikel 13b van de Opiumwet, omdat de aangetroffen voorwerpen, hoewel legaal, in combinatie en hoeveelheid wijzen op een professionele hennepplantage. De onschuldpresumptie werd niet geschonden, aangezien de bestuursrechtelijke beoordeling losstaat van de strafrechtelijke vrijspraak van eiseres.
De rechtbank vond de sluiting noodzakelijk ter bescherming van het woon- en leefklimaat en het herstel van de openbare orde, mede vanwege de ligging in een kwetsbare wijk en de rol van het pand in de drugsketen. De sluiting werd ook als evenwichtig beoordeeld, waarbij de belangen van de burgemeester zwaarder wogen dan de financiële nadelen voor eiseres.
Er was geen sprake van misbruik van bevoegdheid en de sluiting werd bevestigd. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder toekenning van proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de sluiting van haar bedrijfspand wegens aangetroffen voorwerpen voor illegale hennepteelt is ongegrond verklaard.