Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
aGesteld noch gebleken is dat [verzoekster] tussen 17 oktober 2017 en 13 november 2019 met (noemenswaardige) bezwaren haar functie van 24 uur heeft uitgeoefend. Dit volgt ook niet uit het verslag van het resultaatsgesprek van 24 februari 2018 (productie 24 van de gemeente), integendeel zelfs. In het verslag staat onder meer vermeld:
Er zijn geen omstandigheden die mijn functioneren in de weg staan. Zowel privé als op het werk niet. Behalve dat ik nog steeds last heb van het klimaat binnen het gemeentehuis. Het is niet erg gezond en dat beïnvloedt de weerstand. (..)
Er is bij [verzoekster] een gezondheidsprobleem vastgesteld dat leidt tot structurele medische beperkingen op gebied van met name fysiek belastend werk alsmede energetische beperkingen. (..)
- de gemeente heeft onvoldoende inzichtelijk gemaakt dat er uitgaande van de belastbaarheid geen herplaatsingsmogelijkheden zijn in spoor 1,
- de gemeente heeft te laat adviezen gericht op re-integratie opgevolgd.
Op 17 juni 2022 heb ik telefonisch gesproken met werknemer. (..).
Na oplegging van de loonsanctie is het spoor 2 traject verder opgepakt en hierin zijn adequate activiteiten ondernomen. Naast diverse activiteiten gericht op het (gericht) kunnen benaderen van de arbeidsmarkt, is ook actief ingezet op het verwerven van vrijwilligerswerk als eerste opstap. Niet is gebleken dat er in spoor 1 nog aanvullende activiteiten zijn ondernomen. Eerder heeft werkgever hierover aangegeven dat alles in spoor 1 reeds is geprobeerd en ook het lichtste werk niet haalbaar bleek. Ook werknemer heeft eerder aangegeven zij dat geen mogelijkheden meer ziet in spoor 1 (..).”