ECLI:NL:RBLIM:2026:7616
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen woningsluiting wegens drugslab en amfetamineproductie
De burgemeester van Venlo heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet de woning van verzoeker gesloten voor drie maanden vanwege de aanwezigheid van een drugslab en grondstoffen voor amfetamineproductie. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om de sluiting te voorkomen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang en dat de burgemeester bevoegd is tot sluiting. Uit de doorzoeking bleek dat chemicaliën en apparatuur aanwezig waren die gebruikt worden voor de vervaardiging van amfetamine, inclusief restanten van amfetaminepasta. Verzoekers stelling dat de spullen van een kennis waren en voor het opknappen van oldtimers dienden, wordt niet aannemelijk geacht.
De rechter beoordeelt dat de sluiting geschikt en noodzakelijk is om herhaling en overlast te voorkomen. Hoewel verzoeker een minderjarig kind heeft en de sluiting grote gevolgen heeft, is er geen bijzondere binding of voldoende onderbouwing van de situatie van het kind en de woonruimte. De burgemeester had de sluitingsduur teruggebracht naar drie maanden en moet in de bezwaarprocedure nader ingaan op de huisvestingsmogelijkheden.
De voorlopige schorsing van het besluit wordt opgeheven en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. De burgemeester mag de woning sluiten. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigt de sluiting van de woning voor drie maanden wegens drugshandel.