Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het verzoekschrift met productie 1 t/m 3,
- het verweerschrift met productie A t/m N,
- brief van mr. Van Batenburg van 27 september 2022 met rapport III van Sedgwick d.d. 7 juli 2022,
- brief van mr. Van Batenburg van 7 december 2022 met een urenbegroting.
2.Het deelgeschil
3.De verzoeken
- te verklaren voor recht dat [werkgever] ten opzichte van [verzoeker] aansprakelijk is voor de door hem geleden en nog te lijden materiële en immateriële schade als gevolg van het hem op 6 mei 2021 overkomen arbeidsongeval,
- te verklaren voor recht dat Nationale Nederlanden gehouden is tot rechtstreekse betaling aan [verzoeker] van al hetgeen zij op grond van de verzekeringsovereenkomst met [werkgever] aan hem verschuldigd is,
- [werkgever] en Nationale Nederlanden hoofdelijk te veroordelen in de kosten van dit deelgeschil op de voet van het bepaalde in artikel 1019aa Rv jo artikel 6:96 lid 2 BW Pro, zijnde een bedrag van € 6.771,25, inclusief het griffierecht.