ECLI:NL:RBMNE:2024:7363
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen hoogte tegemoetkoming Kindregeling toeslagenaffaire
Eiseres, kind van een gedupeerde ouder in de toeslagenaffaire, kreeg een tegemoetkoming van € 8.000 toegekend op grond van de Kindregeling uit de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). Zij betwistte de hoogte van deze tegemoetkoming en deed een beroep op de hardheidsregeling, alsmede een verzoek tot schadevergoeding en inzage in persoonlijke dossiers.
De rechtbank oordeelde dat de hardheidsregeling niet ziet op de hoogte van de tegemoetkoming, maar op de doelgroep van de regeling. Artikel 2.12 van de Wht, dat de hoogte van de tegemoetkoming regelt, laat geen ruimte voor afwijkingen of schadevergoeding. De wetgever heeft bewust gekozen voor een forfaitaire tegemoetkoming zonder rekening te houden met daadwerkelijke schade.
Het verzoek om inzage in persoonlijke dossiers werd eveneens afgewezen, omdat de procedure zich richt op de forfaitaire tegemoetkoming en niet op de feitelijke schade of achterliggende gegevens. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het griffierecht en proceskostenvergoedingen af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de hoogte van de tegemoetkoming van € 8.000 wordt ongegrond verklaard.