Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 november 2020 in de zaak tussen
[X] , wonende te [Z] , eiser,
de ontvanger en de heffingsambtenaar van Cocensus, verweerders.
Procesverloop
Overwegingen
Feiten
(m2)
(opp. 40 m2)
(opp. 26 m2)
HAA 19/4107. Het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar over de tweede aanmaning is daarmee tijdig ingekomen bij de rechtbank en als samenhangend met de reeds lopende beroepen inzake de aanslag en de eerste aanmaning daarbij gevoegd. Hangende het beroep heeft verweerder bij beslissing van 3 juli 2019 aan eiser laten weten dat de tweede aanmaning vernietigd is. Eiser heeft bij dit beroep een procesbelang, omdat dit beroep ziet op de beslissing van verweerder om aan eiser voor het bezwaar tegen de tweede aanmaning geen vergoeding van kosten toe te kennen.
Beslissing
- verklaart het beroep tegen de WOZ-beschikking ongegrond;
- verklaart de beroepen tegen de aanslag (of aanslagen), tegen de eerste aanmaning en tegen de tweede aanmaning gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar, behoudens de beslissingen over de WOZ-waarde en de kosten van bezwaar;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de vernietigde gedeelten van de uitspraken op bezwaar;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € [#] , en
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 47 aan eiser te vergoeden.