Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 29 juli 2024 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Doetinchem, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil4. Tussen partijen is in geschil of eiseres terecht een bedrag van € 57.941 op aangifte heeft voldaan. Meer specifiek is in geschil het antwoord op de vraag of de terugwerkende kracht van de wet van 8 juli 2020 tot wijziging van de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II (reparatie verhuurderheffing bij gedeeld genot huurwoningen) (hierna: de reparatiewetgeving) in strijd is met het rechtzekerheidsbeginsel.
35 409, nr. 2) is op 10 maart 2020 ingediend. De reparatiewetgeving is op 14 juli 2020 in werking getreden en werkt terug tot 1 januari 2020. Daarbij is artikel 1.3 van de WMW 2014 II vervallen en artikel 1.6a van de WMW 2014 II in werking getreden. Artikel 1.6a van de WMW 2014 II luidt als volgt: