Uitspraak
[verzoeker] B.V.,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
De werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer wegens een duurzaam verstoorde arbeidsrelatie. De werknemer was sinds 2020 in dienst als IT-manager en was langdurig arbeidsongeschikt geweest. Na herstel en pogingen tot mediation, die mislukten, bleef de arbeidsrelatie verstoord. De kantonrechter oordeelt dat er een redelijke grond is voor ontbinding en dat herplaatsing niet mogelijk is.
De werknemer stelt dat de werkgever zich schuldig maakte aan ongelijke behandeling en discriminatie, wat ontbinding zou moeten verhinderen, maar dit verweer wordt verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 mei 2026. De werknemer krijgt recht op de wettelijke transitievergoeding van €17.984,29.
Daarnaast wordt een billijke vergoeding van €100.000 toegekend wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, die zonder scholings- of verbetertraject direct op beëindiging aanstuurde en de werknemer per direct vrijstelde. De werknemer vordert ook achterstallig loon en advocaatkosten; de kantonrechter wijst een deel van het loon toe (€2.859,65 plus wettelijke rente en een gematigde verhoging) en €7.500 aan buitengerechtelijke advocaatkosten. De proceskosten worden verdeeld, waarbij de werkgever de kosten van de procedure draagt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 mei 2026 met toekenning van transitievergoeding, billijke vergoeding en gedeeltelijke betaling van achterstallig loon en advocaatkosten aan de werknemer.