Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 juli 2026 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam Zaffier
Samenvatting
Procesverloop
Totstandkoming van het bestreden besluit
Eiser verhuist omdat zijn relatie met zijn partner is stukgelopen en hij daardoor alleen de zorg draagt voor de drie jonge kinderen die hij met deze (ex) partner heeft. Met die kinderen woont hij op de vierde verdieping van een gebouw zonder lift. Dat maakt het dagelijks leven voor eiser erg zwaar, vooral met jonge kinderen, kinderwagens en boodschappen. Daarnaast woont eiser ver van zijn familie, terwijl hun hulp hard nodig is en eiser door de verhuizing dichter bij hen komt te wonen. De nieuwe woning is beter geschikt voor de situatie van eiser en zijn kinderen en helpt om de zorg voor de kinderen veiliger en beter te organiseren. Volgens eiser was de verhuizing niet voorzienbaar, omdat het stuklopen van zijn relatie onverwachts was. Hij realiseerde zich pas gaandeweg dat zijn woning op vierhoog zonder lift onpraktisch en belastend is voor een eenoudergezin. De noodzaak om te verhuizen werd duidelijker naarmate de situatie zwaarder werd. De stap om daadwerkelijk te verhuizen was geen gepland besluit, maar een reactie op omstandigheden die zich onverwacht en snel ontwikkelden. Omdat eiser leeft van een bijstandsuitkering is er voor hem geen financiële ruimte om geld opzij te zetten. Zijn inkomen dekt alleen de noodzakelijke kosten van levensonderhoud voor hemzelf en zijn drie jonge kinderen en heeft hij geen reservering kunnen maken oor de kosten van verhuizing. Ter staving van zijn aanvraag heeft eiser in de email ook een begroting van de verhuiskosten vermeld ten bedrage van € 7.059,28.
3.1 Bij besluit van 1 mei 2025 heeft Zaffier de aanvraag voor bijzondere bijstand afgewezen. De motivering voor deze afwijzing is dat geen sprake is van (zeer) dringende redenen of bijzondere individuele omstandigheden. De verhuizing heeft geen sociale en/of medische noodzaak en er is niet aangetoond dat er sprake is van een onhoudbare situatie. Het niet kunnen reserveren vanuit de bijstand voor duurzake gebruiksgoederen is geen reden voor toewijzing van de aanvraag, omdat in de bijstandsnorm een ruimte van circa 10% aanwezig is voor reservering voor die goederen. Het feit dat eiser al een schuld heeft is geen reden om niet voor die kosten te kunnen reserveren.
3.2 In bezwaar heeft eiser aangevoerd dat Zaffier ten onrechte heeft nagelaten om een aanvullend onderzoek aan te vragen naar de medische noodzakelijkheid van de verhuizing. Verder heeft eiser de argumenten naar voren gebracht die ook in zijn voormelde email staan en heeft hij gewezen op de schulden die hij heeft aan het college in de vorm van verplichting tot terugbetaling van bijstand.
Tijdens de hoorzitting van 30 september 2025 heeft eiser zijn bezwaar mondeling verder toegelicht. Hij heeft daarbij onder meer naar voren gebracht dat de woning vanuit waaruit hij verhuist een balkon heeft ramen die zo laag zijn dat een kind ze kan open maken en dat dit zeer beangstigend is. Met zijn tweeën kun je toezicht op de kinderen delen, maar alleen is dat erg vermoeiend. Eiser had altijd angst om de veiligheid van de kinderen. Eiser heeft de verhuurder gevraagd voor deze onveilige situatie maatregelen te treffen, maar om vage redenen heeft de verhuurder dit afgewezen en de situatie in stand gelaten. Het feit dat er in het gebouw geen lift aanwezig was en de jongste steeds gedragen wilde worden omdat zij het niet redde de trappen op te lopen maakt het voor eiser zwaar, ook met boodschappen tillen. Ook heeft eiser erop gewezen dat hij ten tijde van de hoorzitting niet alleen een inhouding op zijn bijstandsuitkering had ter aflossing van een schuld aan het college, maar ook dat hij ook een betalingsregeling van € 200,- per maand had lopen ter aflossing van een schuld van € 4.070,- aan zijn energieleverancier.
Beoordeling door de rechtbank
4.3 Ten aanzien van de door eiser aangevoerd redenen voor de noodzaak van de verhuizing stelt Zaffier zich in het verweerschrift op het standpunt dat dat de door eiser gestelde beweegredenen geen objectieve noodzaak tot verhuizen vormen en dat het persoonlijke afwegingen betreft waarvan de financiële gevolgen geacht worden binnen de eigen verantwoordelijkheid van eiser te vallen. Voor wat betreft de adviesrapportage van Argonaut, merkt verweerder op dat het een medisch belastbaarheidsonderzoek betreft waaruit niet volgt dat sprake was van een medische noodzaak tot verhuizing. Uit de rapportage blijkt volgens Zaffier niet dat eiser vanwege zijn medische situatie niet in staat was tot traplopen of het voeren van een huishouding in een oude woning.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft Zaffier in de onderhavige procedure bij de primaire beoordeling van de aanvraag en wat in aanvulling daarop door eiser in bezwaar naar voren is gebracht onvoldoende onderzoek gedaan naar de feiten en omstandigheden waaronder eiser heeft verklaard zich genoodzaakt te voelen om op korte termijn samen met zijn drie jonge kinderen te verhuizen. Dat oordeel licht de rechtbank als volgt toe.
Eerder in deze uitspraak heeft de rechtbank verwoord welke redenen eiser voor zijn verhuizing heeft gegeven. Een van die redenen is dat er in de woning sprake is van een onveilige situatie voor de drie jonge kinderen van eiser. Zaffier heeft die situatie niet weersproken en heeft die situatie ook niet onderzocht, bijvoorbeeld door de situatie ter plekke te bekijken of daarvan foto’s of videobeelden te vragen van eiser. Dit terwijl de veiligheid van jonge kinderen naar het oordeel van de rechtbank een belang is dat zwaar kan wegen bij de beoordeling van de vraag of sprake is van een noodzaak tot verhuizing.
Voor wat betreft de door eiser gestelde medische noodzaak tot verhuizen overweegt de rechtbank dat eiser dit eerst in het bezwaarschrift van 30 juli 2025 in algemene zin naar voren heeft gebracht. De aard van zijn klachten heeft hij toen niet vermeld en ook heeft hij toen niet verwezen naar de eerst in beroep overgelegde rapportage van Argonaut. Uit het verslag van de hoorzitting van 30 september 2025 blijkt evenmin dat eiser daar over zijn medische klachten en daaruit voortvloeiende beperkingen heeft gesproken. Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat er bij de primaire beoordeling van de aanvraag van eiser en in bezwaar geen verplichting rustte op Zaffier om onderzoek te (laten) verrichten naar de medische situatie van eiser. Dat Zaffier in die tijd al beschikte over de adviesrapportage van Argonaut van 22 juli 2024 is onvoldoende voor een ander oordeel.
De conclusie van het bovenstaande is dat Zaffier het bestreden besluit onvoldoende zorgvuldig heeft voorbereid voor wat betreft de gestelde noodzaak tot verhuizen vanwege een onveilige situatie en daarom het ontbreken van die noodzaak niet deugdelijk heeft gemotiveerd.