ECLI:NL:RBNNE:2021:4333
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking recht op bijstand wegens niet melden gezamenlijke huishouding met partner
Eiseres ontving sinds 2008 bijstand als alleenstaande ouder. Verweerder trok de bijstand met ingang van 1 januari 2009 in vanwege het niet melden van een gezamenlijke huishouding met haar partner, met wie zij een erkend kind heeft. Uit onderzoek en verklaringen bleek dat de partner zijn hoofdverblijf had op het adres van eiseres, ondanks dat hij elders stond ingeschreven.
De rechtbank oordeelde dat het onweerlegbaar rechtsvermoeden van een gezamenlijke huishouding bestond op grond van de geboorte van het kind en het hoofdverblijf van de partner. De verklaringen van eiseres, haar partner en een getuige waren consistent en ondersteund door observaties van de sociale recherche. Er was geen sprake van ongeoorloofde druk tijdens verhoren.
Eiseres had de gezamenlijke huishouding moeten melden als wijziging in haar situatie, wat zij niet deed, waardoor zij ten onrechte bijstand ontving. De rechtbank concludeerde dat de intrekking van de bijstand terecht was en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de bijstand vanaf 1 januari 2009 wordt bevestigd.