Uitspraak
RECHTBANK Noord-Nederland
1.[A] ,
2.
[B],
3.
[C],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald
Rechtbank Noord-Nederland
Eisers, bestaande uit voormalige eigenaren en vennoten van een manegebedrijf op Terschelling, stelden de gemeente aansprakelijk wegens onrechtmatige overheidsdaad. Zij voerden aan dat de gemeente door onjuiste informatie in brieven uit 2006 en 2008 hun bedrijfsvoering ernstig heeft belemmerd, waardoor zij schade leden.
De rechtbank analyseerde de procedure, feiten en het geschil, waaronder het bestemmingsplan van 1994 en het Herstelbesluit van 2016, de exploitatievergunning en de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (AbRS). De kern lag bij de uitleg van de planvoorschriften en de vraag of de gemeente onzorgvuldig en onrechtmatig had gehandeld.
De rechtbank oordeelde dat de verjaringstermijn van vijf jaar pas in maart 2015 begon te lopen, toen eisers voldoende zekerheid kregen over het onrechtmatig handelen van de gemeente. De verjaring werd vervolgens gestuit door aansprakelijkstellingen in 2016 en 2021, zodat de vorderingen niet verjaard zijn.
Ten aanzien van de onrechtmatigheid concludeerde de rechtbank dat de uitleg van de gemeente destijds verdedigbaar was en niet evident onjuist. De gewijzigde ruimere uitleg van de planregels kwam pas later tot stand. Daarom was geen sprake van onzorgvuldig of onrechtmatig handelen. De vorderingen werden afgewezen en eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eisers af wegens het ontbreken van onrechtmatig handelen door de gemeente.