Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 18 maart 2026 in de zaak tussen
[naam 1 uit woonplaats] , eiseres
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Inleiding
Totstandkoming van het bestreden besluit
Beoordeling door de rechtbank
vervalt, kan de rechtbank het Uwv volgen in de stelling dat het heeft beoogd het besluit van 28 januari 2020 te herzien met het besluit van 18 december 2023. In het herziene besluit heeft het Uwv daarom een ander standpunt kunnen innemen en daaraan ook de nodige consequenties kunnen verbinden voor het recht op een WW-uitkering.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit, voor zover het Uwv daarbij het recht op uitkering heeft herzien, omdat eiseres als DGA wordt aangemerkt;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven;
- bepaalt dat het Uwv het griffierecht van € 51,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten tot een bedrag van € 3.269.-.