ECLI:NL:RBOBR:2014:1427
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.M. Tadic
- E.J.J.M. Weyers
- S. Croes
- Rechtspraak.nl
Beoordeling loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werkgever
De zaak betreft een beroep van Onderwijsstichting KempenKind tegen een loonsanctie opgelegd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wegens onvoldoende re-integratie van een zieke werkneemster.
De werkneemster meldde zich ziek na een hoofdletsel en vroeg een WIA-uitkering aan. Verweerder stelde dat de werkgever onvoldoende had gedaan om de werkneemster te re-integreren, wat werd onderbouwd met rapportages van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen. Eiseres voerde aan dat zij de adviezen van gespecialiseerde instanties had opgevolgd en dat re-integratie praktisch niet haalbaar was.
De rechtbank stelde vast dat er geen bevredigend re-integratieresultaat was en concludeerde dat de werkgever ten onrechte uitging van een klachtcontingente in plaats van tijdcontingente re-integratie. De medische rapportages waren zorgvuldig en overtuigend, en de werkgever droeg de verantwoordelijkheid voor de inschatting van de beperkingen. De aanvullende informatie van eiseres bracht geen ander oordeel.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De rechtbank handhaaft de loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen van de werkgever.