Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 20 april 2018 in de zaken tussen
Stichting [eiseres] , te [plaats] , eiseres
de heffingsambtenaar van de gemeente Eindhoven, verweerder
Procesverloop
€ 15.912.00. In dit geschrift zijn tevens de aanslagen onroerende-zaakbelastingen (OZB) voor het kalenderjaar 2016 bekend gemaakt.
Overwegingen
(…).
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de bestreden uitspraken op bezwaar;
- vernietigt de beschikkingen I en II en de bijbehorende aanslagen;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats van de vernietigde uitspraken op bezwaar treedt;
- wijst het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn in de zaak met procedurenummers SHE 17/164 en SHE 17/906 toe;
- veroordeelt verweerder in de zaak met procedurenummers SHE 17/164 en
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht in de zaak met procedurenummers SHE 17/164 en SHE 17/906 van € 334 aan eiseres te vergoeden;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht in de zaak met procedurenummer SHE 17/1237 van € 334 aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres in de zaak met procedurenummers SHE 17/164 en SHE 17/906 tot een bedrag van € 1.603,50 en in de zaak met procedurenummer SHE 17/1237 tot een bedrag van € 1.603,50 (in totaal € 3.207).