Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 4 maart 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
de heffingsambtenaar van de gemeente Helmond, verweerder
Procesverloop
Bij beschikking van 17 januari 2018 (de dwangsombeschikking) heeft verweerder het verzoek van eiser om toekenning van een dwangsom afgewezen.
Overwegingen
“Naar aanleiding van uw bezwaarschriften waarin u verzoekt om te worden gehoord wil ik u het volgende mededelen. Graag wil ik met u een afspraak maken voor een hoorzitting met betrekking tot de door u ingediende bezwaarschriften. Voor het maken van een afspraak kunt u mij telefonisch bereiken op het telefoonnummer [telefoonnummer] of via de mail [e-mailadres] . Graag verneem ik voor 26 januari 2018 of u gebruik wenst te maken van de mogelijkheid om te worden gehoord.”Op 31 januari 2018 heeft verweerder aan eisers gemachtigde een e-mail gestuurd, met als onderwerp ‘Herinnering uitnodiging hoorzitting’. Daarin staat:
“Op 19 januari 2018 heb ik u een e-mail gestuurd met het verzoek om voor 26 januari 2018 aan te geven of u gebruik wenst te maken van de mogelijkheid om te worden gehoord inzake u bezwaarschriften die u heeft ingediend bij de gemeente Helmond. Tot op heden heb ik van u geen reactie ontvangen. Graag verneem voor 7 februari 2018 of u gehoord wenst te worden. Indien u niet voor 7 februari 2018 reageert ga ik ervan uit dat u geen gebruik wenst te maken van de mogelijkheid om te worden gehoord en zal ik, zonder hoorzitting, uitspraak doen op uw bezwaar.”
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.