ECLI:NL:RBOBR:2025:1402
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen na onjuiste belastbaarheid bedrijfsarts
Eiseres, een werkgever, kreeg van het UWV een loonsanctie opgelegd omdat zij onvoldoende re-integratie-inspanningen zou hebben verricht voor een zieke werknemer die zich sinds augustus 2021 ziek had gemeld met psychische klachten.
De bedrijfsarts had de werknemer meerdere keren onderzocht en geconcludeerd dat er geen benutbare mogelijkheden waren, maar de rechtbank oordeelde dat de bedrijfsarts onjuiste aannames deed over de belastbaarheid en onvoldoende informatie had ingewonnen bij de behandelend psycholoog, waardoor de professionele marge werd overschreden.
Het UWV stelde dat er na 1 december 2022 wel functionele mogelijkheden waren en dat eiseres deze onvoldoende had benut, met name in spoor 1, terwijl eiseres stelde dat zij alle redelijke inspanningen had geleverd.
De rechtbank concludeerde dat de loonsanctie terecht was opgelegd omdat eiseres onvoldoende re-integratieactiviteiten had ondernomen, zoals scholing of arbeidstherapie, en dat het verzuimbeleid te wensen overliet. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de loonsanctie wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende re-integratie-inspanningen na overschrijding van de professionele marge door de bedrijfsarts.