Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 11 april 2025 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [vestigingsplaats] , de werkgever
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het opleggen van de loonsanctie gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover dat ziet op het opleggen van de loonsanctie;
- herroept het primaire besluit van 6 april 2023;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaatst treedt van het vernietigde deel van het bestreden besluit;
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk voor zover het ziet op de weigering van de bekorting van de loonsanctie;
- draagt het UWV op het betaalde griffierecht van € 371,- te betalen aan de werkgever;
- veroordeelt het UWV in de proceskosten van de werkgever van € 3.108,-.