Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie met producties 1 tot en met 26;
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
“Het voelde niet goed, maar ik heb het wel gedaan”Desgevraagd heeft [gedaagde] geen verklaring willen geven waarom hij de informatie dan toch heeft doorgestuurd. ACF heeft gesteld dat de calculatiebladen de unieke werkwijze van ACF weergeven en dat de bladen worden gebruikt om opdrachten te berekenen en offertes te maken. Het verweer van [gedaagde] dat de bladen niet uniek zijn, heeft ACF gemotiveerd weerlegd met de toelichting ter zitting dat de bladen zijn ontworpen door de heer [L] (hierna: [L] ) die destijds samen met mevrouw [M] (hierna [M] ) heeft samengewerkt bij een betonbedrijf, dat [M] daarna ACF is gestart en [L] andere ondernemingen is gestart en dat de calculatiebladen alleen door ACF en de ondernemingen van [L] worden gebruikt. Het verweer dat [gedaagde] bij CFS gebruik maakt van de calculatiebladen van [A] , maakt niet dat de calculatiebladen van ACF niet waardevol zijn. [gedaagde] weet hoe deze calculatiebladen door ACF worden gebruikt. Dit geeft kennis en inzage in hoe een offerte van ACF er in een specifiek geval uit zou zien en daarmee kennis die voor CFS relevant is. Dat geeft een voorsprong bij het concurreren.