De rechtbank Overijssel heeft op 11 mei 2022 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over de natuurvergunning voor een melkveehouderij nabij Natura 2000-gebieden. Eisers hadden beroep ingesteld tegen het besluit van het college van Gedeputeerde Staten van Overijssel dat een natuurvergunning verleende voor het houden van 59 melkkoeien en 40 jongvee.
De kern van het geschil betrof de beoordeling van stikstofemissies en de gevolgen daarvan voor omliggende Natura 2000-gebieden. De rechtbank oordeelde dat verweerder ten onrechte de stikstofemissies door het beweiden van vee niet had betrokken in de beoordeling. Dit was onjuist omdat het beweiden onlosmakelijk samenhangt met het houden van vee en daarmee onderdeel vormt van het project dat vergunningplichtig is. De rechtbank stelde dat op voorhand niet kan worden uitgesloten dat het beweiden leidt tot significante stikstofdepositie en dus tot aantasting van de natuurwaarden.
Verder oordeelde de rechtbank dat het gebruik van de huidige emissiefactoren uit de Regeling ammoniak en veehouderij (Rav) voor zowel de referentiesituatie als de aangevraagde situatie terecht was, en dat het bemesten van gronden niet onlosmakelijk samenhangt met het project en daarom buiten beschouwing mocht blijven. Ook de stikstofemissies van transportbewegingen waren adequaat beoordeeld.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.