Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen
[eiser 1] h.o.d.n. [eiser 2] , uit [woonplaats] , eiser,
de minister voor Natuur en Stikstof, verweerder (de minister),
Vereniging Leefmilieu(VL), uit Nijmegen,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
- H9160: Sub-Atlantische en Midden-Europese wintereikenbossen of eiken-haagbeukbossen behorend tot het
- H9190: Oude zuurminnende eikenbossen op zandvlakten met
- H91D0: Veenbossen (verkorte naam: hoogveenbossen)
- H2310: Psammofiele heide met
- H2330: Open grasland met
- H3160: Dystrofe natuurlijke poelen en meren (verkorte naam: zure vennen)
- H5130:
- H7140: Overgangs- en trilveen (verkorte naam: overgangs- en trilvenen; dit betreft het subtype H7140A: trilvenen)
- H7230: Alkalisch laagveen (verkorte naam: kalkmoerassen)
- H9120: Atlantische zuurminnende beukenbossen met
- H9160: Sub-Atlantische en Midden-Europese wintereikenbossen of eiken-haagbeukbossen behorend tot het
- H9190: Oude zuurminnende eikenbossen op zandvlakten met
- H91D0: Veenbossen (verkorte naam: hoogveenbossen)
- H1096: Beekprik (
- H1134: Bittervoorn (
Alnus glutinosaen
Fraxinus excelsior(
Alno-Padion, Alnion incanae, Salicion albae) (verkorte naam: vochtige alluviale bossen) gewijzigd, in die zin, dat subtype A (zachthoutooibossen (H91E0A)) en subtype B (essen-iepenbossen (H91E0B)) van dit habitattype aan de instandhoudingsdoelstelling zijn toegevoegd.
Stcrt 2018, nr. 12368. Niet aannemelijk is dat eiser heeft afgezien van het naar voren brengen van een zienswijze, omdat de habitattypenkaarten niet bij het ontwerpbesluit ter inzage hebben gelegen. Aangenomen mag worden dat eiser dan een zienswijze naar voren zou hebben gebracht waarin zou zijn gewezen op het niet ter inzage liggen van de kaarten. Eiser is dan ook niet in zijn belang geschaad doordat (of voor zover kan worden gezegd dat) de habitattypenkaarten niet bij het ontwerp van het wijzigingsbesluit ter inzage hebben gelegen. De rechtbank ziet daarom in de enkele stelling dat de minister geen kaarten beschikbaar heeft gesteld waarop de toegevoegde habitattypen staan ingetekend, geen reden om het beroep gegrond te verklaren.