ECLI:NL:RBROT:2012:BW7644
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling executoriale kracht notariële hypotheekakte en geldigheid overeenkomsten vastgoedadvies
De rechtbank Rotterdam behandelde een geschil tussen Marcan Vastgoed B.V. en een advocaat over de executoriale kracht van een notariële hypotheekakte en de geldigheid van overeenkomsten inzake vastgoedadvies. Marcan vorderde executoriale kracht van de akte en betaling van termijnen, terwijl de advocaat de akte en overeenkomsten wilde vernietigen wegens wilsgebreken.
De rechtbank oordeelde dat de hypotheekakte geen executoriale kracht toekomt omdat de omschrijving van de vordering te algemeen was, met name de aanduiding 'uit welken andere hoofde ook' was onvoldoende. De akte betreft een bankhypotheek met een maximumbedrag, waardoor het genoemde bedrag niet als omschrijving van een bestaande vordering kan gelden.
De rechtbank stelde vast dat de overeenkomsten inzake advies en begeleiding voldoende bepaalbaar zijn en dat de dwingende bewijskracht van de onderhandse akten geldt. De vernietigingsgronden zoals bedreiging, bedrog, misbruik van omstandigheden en dwaling zijn niet aannemelijk gemaakt. De vorderingen tot ongedaanmaking en schadevergoeding werden afgewezen.
Marcan kreeg alsnog betaling toegewezen van de openstaande en toekomstige termijnen uit hoofde van de overeenkomsten. De vordering tot betaling van een factuur van de advocaat werd afgewezen, omdat deze werkzaamheden als tegenprestatie werden gezien. De advocaat werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De notariële akte heeft geen executoriale kracht, maar de overeenkomsten zijn geldig en de advocaat moet betaling van termijnen aan Marcan voldoen.