ECLI:NL:RBROT:2016:7587
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens ontbreken vaste woon- of verblijfplaats en niet verstrekken controleerbare verblijfgegevens
Eiseres, gediagnosticeerd met hyperacusis en psychische problematiek, verblijft sinds 2015 in een auto voorzien van een slaapplek en weigert controleerbare gegevens te verstrekken over haar verblijf op opritten bij bekenden. Verweerder trok haar bijstandsuitkering per 6 oktober 2015 in omdat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld zonder vaste woon- of verblijfplaats.
Eiseres voerde aan dat zij wel controleerbaar is en dat zij bereid is haar aanwezigheid binnen de gemeente aan te tonen met aankoopbonnen, maar de rechtbank oordeelt dat dit onvoldoende is. De inlichtingenplicht vereist concrete en controleerbare adresgegevens, ook bij dakloosheid. De weigering om deze gegevens te verstrekken leidt tot het niet kunnen vaststellen van het recht op bijstand.
Verder stelde eiseres dat er dringende redenen waren om de uitkering te handhaven vanwege haar psychische problematiek en de levensbedreigende situatie zonder bijstand. De rechtbank volgde dit niet, omdat dringende redenen alleen gelden bij acute noodsituaties en eiseres een geschikte sociale huurwoning had geweigerd.
De rechtbank concludeert dat het college terecht de bijstand heeft ingetrokken en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de intrekking van de bijstandsuitkering wegens het ontbreken van een vaste woon- of verblijfplaats en het niet verstrekken van controleerbare verblijfgegevens.