De werknemer was sinds 2007 in dienst bij Strukton en vervulde tot september 2016 de functie van administratief medewerker, die toen kwam te vervallen. Strukton bood de werknemer een proefplaatsing aan in de functie van technisch administratief medewerker, met een evaluatieperiode van zes maanden. Gedurende deze periode vonden voortgangsgesprekken plaats, maar de werkgever gaf onvoldoende duidelijkheid over de verwachtingen en het beoordelingskader.
Na afloop van de proefplaatsing werd aan de werknemer medegedeeld dat zijn functioneren onvoldoende was, maar deze mededeling vond pas in mei 2017 plaats. De werknemer bleef daarna werkzaamheden verrichten behorend bij de nieuwe functie. Strukton diende uiteindelijk een ontslagaanvraag in bij het UWV, die werd geweigerd vanwege onvoldoende onderbouwing dat herplaatsing niet mogelijk was.
De kantonrechter oordeelt dat Strukton onvoldoende duidelijkheid heeft verschaft tijdens de proefplaatsing en te lang heeft gewacht met het formaliseren van het oordeel over het functioneren van de werknemer. Hierdoor bleef de werknemer onnodig in onzekerheid over zijn positie. De herplaatsing wordt daarom niet als mislukt beschouwd en het ontbindingsverzoek wordt afgewezen. Strukton wordt veroordeeld in de proceskosten.