ECLI:NL:RBROT:2019:2585
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen openbaarmaking besluit op bezwaar dwangsombesluit AFM
De Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft op 7 februari 2019 besloten om het besluit van 2 augustus 2018, waarin het bezwaar van verzoekster tegen een dwangsombesluit werd behandeld, openbaar te maken. Verzoekster heeft hiertegen een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om schorsing van deze openbaarmaking te verkrijgen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat eerdere verzoeken tot voorlopige voorzieningen omtrent dezelfde kwestie reeds zijn afgewezen en dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn die aanleiding geven tot een andere beoordeling. Verzoekster heeft onvoldoende concreet kunnen maken dat de openbaarmaking onevenredige schade veroorzaakt, noch dat een van de uitzonderingsgronden van artikel 1:98 Wft Pro van toepassing is.
De rechtbank oordeelt verder dat de AFM gerechtigd is om in het persbericht een hyperlink op te nemen naar eerdere rechterlijke uitspraken en dat de naam van de enig aandeelhouder en bestuurder, die reeds in eerdere publicaties voorkwam, niet verboden kan worden te publiceren.
Gelet op het spoedeisende karakter van openbaarmaking op grond van de Wft en het ontbreken van nieuwe omstandigheden, wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de openbaarmaking van het besluit op bezwaar is afgewezen.