Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
2.De vaststaande feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
In februari 2017 gaf de bestuurder opdracht aan De Neef Advocatenkantoor voor juridische bijstand aan twee vennootschappen. Na onbetaalde declaraties en een betalingsregeling die niet werd nagekomen, werden de vennootschappen in september 2018 ontbonden via een turbo-liquidatie, waarbij zij geen baten meer hadden.
De Neef stelde de bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor de openstaande declaraties, stellende dat hij onrechtmatig handelde door de vennootschappen te ontbinden terwijl er nog schulden waren en dat hij selectief betaalde. De rechtbank toetste deze vordering aan de relevante wettelijke normen en jurisprudentie.
De rechtbank oordeelde dat de turbo-liquidatie juist bedoeld is voor vennootschappen zonder baten en dat de bestuurder niet verplicht was faillissement aan te vragen. Er was geen bewijs dat er baten waren die aan schuldeisers voldaan hadden kunnen worden. Ook was onvoldoende gesteld dat de bestuurder persoonlijk ernstig verwijtbaar had gehandeld.
De vordering tot bestuurdersaansprakelijkheid werd daarom afgewezen. De Neef werd veroordeeld in de proceskosten, welke nihil werden vastgesteld.
Uitkomst: De vordering tot bestuurdersaansprakelijkheid wordt afgewezen en De Neef wordt veroordeeld in de proceskosten.