ECLI:NL:RBROT:2021:804
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om planschadevergoeding wegens geen planologische verslechtering
Eiseres verzocht om een tegemoetkoming in planschade wegens waardevermindering van haar woning als gevolg van het bestemmingsplan “Buitengebied Giessenlanden”. Dit bestemmingsplan trad in werking in 2013 en verving eerdere plannen uit 1980 en 1999, waarin de woning onder overgangsrecht viel omdat deze niet meer positief was bestemd. De SAOZ adviseerde geen vergoeding toe te kennen, omdat geen planologische verslechtering was vastgesteld ten opzichte van het oude planologische regime.
Eiseres voerde aan dat zij niet op de hoogte was van het overgangsrecht en dat dit onzorgvuldig was verlopen, dat de gemeente geen inspraak had georganiseerd, dat de WOZ-waarde jarenlang te hoog was vastgesteld en dat zij door de gemeente benadeeld was ten opzichte van buren die wel bouwmogelijkheden kregen. Tevens stelde zij dat de langdurige overgangsrechtelijke status van bijna 40 jaar onrechtmatig was en dat verjaring van 30 jaar haar rechten zou moeten vestigen.
De rechtbank oordeelde dat de beoordeling van de SAOZ correct was uitgevoerd op basis van de geldende bestemmingsplannen en dat het overgangsrecht juridisch leidend is, niet de feitelijke situatie. De verjaringstermijn uit het privaatrecht is niet van toepassing in deze bestuursrechtelijke procedure. Ook het ontbreken van bezwaar tegen eerdere bestemmingsplannen en de WOZ-waarden ligt in de risicosfeer van eiseres. De stelling van ongelijke behandeling ten opzichte van buren was irrelevant voor de planschadevergoeding.
De rechtbank concludeerde dat geen planologische verslechtering was aangetoond en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling of tegemoetkoming in planschade. Het beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om planschadevergoeding wordt ongegrond verklaard.