ECLI:NL:RBROT:2022:3392

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
23 maart 2022
Publicatiedatum
5 mei 2022
Zaaknummer
9629336 / VZ VERZ 22-253
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:671b BWArt. 289 RvArtikel 1.2.8 Landelijk procesreglement verzoekschriften rechtbanken, kantonArt. 30p Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling na intrekking verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst

Baggermaatschappij Boskalis B.V. heeft een verzoekschrift ingediend tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de verweerster. Na ontvangst van het verweerschrift en de mondelinge behandeling heeft Boskalis het verzoekschrift ingetrokken. De verweerster heeft daarop aanspraak gemaakt op een proceskostenveroordeling op grond van artikel 1.2.8 van het Landelijk procesreglement verzoekschriften rechtbanken, kanton.

De kantonrechter overweegt dat het verzoek tot ontbinding door Boskalis is ingetrokken nadat het verweerschrift was ingediend en de mondelinge behandeling had plaatsgevonden. Hierdoor heeft de verweerster nodeloos kosten gemaakt. Op grond van artikel 289 Rv Pro en het Procesreglement kan een proceskostenveroordeling ook na intrekking worden uitgesproken.

De kantonrechter veroordeelt Boskalis daarom tot vergoeding van de proceskosten van de verweerster, begroot op € 498,00 aan salaris voor haar gemachtigde. Beide partijen dragen verder hun eigen kosten. De beschikking is bij vervroeging uitgesproken op 23 maart 2022.

Uitkomst: Boskalis wordt veroordeeld tot vergoeding van € 498,00 aan proceskosten van de verweerster.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 9629336 / VZ VERZ 22-253
uitspraak: 23 maart 2022 (bij vervroeging)
beschikking van de kantonrechter, zitting houdende in Rotterdam,
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Baggermaatschappij Boskalis B.V.(hierna: Boskalis),
statutair gevestigd in Papendrecht,
verzoekster,
gemachtigde: mr. P.L.M. Schneider te Rotterdam,
tegen
[verweerder](hierna: [afkorting naam verweerder]),
wonende in [woonplaats verweerder],
verweerster,
gemachtigde: mr. J.A.J. Hooymayers te Breda.

1..Het verloop van de procedure

1.1.
Van de volgende processtukken is kennisgenomen:
  • het verzoekschrift ex artikel 7:671b BW, met producties, ontvangen op 11 januari 2022;
  • het verweerschrift, met producties, ontvangen op 21 februari 2022;
  • het proces-verbaal van de tijdens de mondelinge behandeling van 3 maart 2022 gedane mondelinge uitspraak ex artikel 30p Rv.
1.2.
Bij brief van 15 maart 2022 (die per e-mail van diezelfde datum is verzonden) heeft Boskalis de kantonrechter bericht dat het verzoekschrift wordt ingetrokken.
1.3.
Bij e-mail van 21 maart 2022 om 16:25 uur heeft [verweerder] de kantonrechter bericht dat zij op grond van artikel 1.2.8 van het Procesreglement aanspraak maakt op de bij het verweer verzochte kostenveroordeling.
1.4.
Bij e-mail van 21 maart 2022 om 17:18 uur heeft Boskalis de kantonrechter bericht dat [verweerder] in haar verweerschrift enkel subsidiair - voor het geval dat het verzoek van Boskalis tot ontbinding zou worden toegewezen - om een proceskostenveroordeling heeft verzocht. Nu die voorwaarde niet in vervulling is gegaan, verzoekt Boskalis de kantonrechter om te bepalen dat beide partijen de eigen proceskosten dragen.
1.5.
Bij e-mail van 22 maart 2022 heeft [verweerder] de kantonrechter bericht dat de door haar verzochte proceskostenveroordeling zowel primair, als subsidiair heeft te gelden.
1.6.
De kantonrechter heeft de uitspraak van deze beschikking bij vervroeging bepaald op vandaag.

2..De beoordeling

2.1.
Boskalis heeft het verzoekschrift tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen haar en [verweerder] ingetrokken, zodat alleen hoeft te worden beslist op de door [verweerder] verzochte proceskostenveroordeling.
2.2.
Artikel 1.2.8. van het Landelijk procesreglement verzoekschriften rechtbanken, kanton (hierna: het Procesreglement) bepaalt het volgende:

Zolang nog niet op het verzoekschrift is beslist, kan het verzoek worden ingetrokken. Wanneer bij het verweer om een kostenveroordeling wordt gevraagd en dit na intrekking wordt gehandhaafd, zal de kantonrechter daarop beslissen.
2.3.
Naar het oordeel van de kantonrechter kan in het midden blijven of de wijze waarop [verweerder] in haar verweerschrift om een proceskostenveroordeling heeft verzocht al dan niet moet worden opgevat als dat zij óók in het geval dat de door Boskalis verzochte ontbinding wordt afgewezen aanspraak wenst te maken op een proceskostenveroordeling. Op grond van het bepaalde in artikel 289 Rv Pro kan een proceskostenveroordeling immers op verzoek óf ambtshalve worden uitgesproken en bovendien bepaalt het Procesreglement niet dat geen proceskostenveroordeling kan volgen als daar pas na intrekking van het verzoekschrift om wordt verzocht.
2.4.
Nu Boskalis haar verzoekschrift pas na het indienen van het verweerschrift door [verweerder] én na de mondelinge behandeling heeft ingetrokken, is de kantonrechter van oordeel dat [verweerder] nodeloos kosten heeft gemaakt en dat er aanleiding bestaat Boskalis te veroordelen om die proceskosten te vergoeden. Boskalis wordt dan ook in de proceskosten van [verweerder] veroordeeld, die tot aan deze beschikking worden begroot op € 498,00 aan salaris voor haar gemachtigde.

3..De beslissing

De kantonrechter:
veroordeelt Boskalis in de proceskosten van [verweerder], tot aan deze beschikking begroot op € 498,00 aan salaris voor haar gemachtigde.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.J.M. van Breevoort en uitgesproken op een openbare terechtzitting.
38671