Werkneemster was sinds 1 juli 2024 in dienst bij E-Legal Incasso Advocaten B.V. met een fulltime contract. Op 26 augustus 2024 sprak zij met een gemachtigde van de werkgever af de arbeidsovereenkomst per direct op te zeggen, waarbij de opzegtermijn niet in acht hoefde te worden genomen. Werkneemster kwam hierna terug op haar opzegging met het argument van dwaling en stelde dat er sprake was van beëindiging met wederzijds goedvinden binnen de bedenktermijn.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van een ontslag op staande voet, omdat de werknemer zelf had opgezegd. De opzegging per direct was niet vernietigbaar, aangezien werkneemster begreep dat de arbeidsovereenkomst per direct eindigde en de gevolgen daarvan. Zij moest haar sleutels inleveren en afscheid nemen van collega’s, zonder dat sprake was van een vrijstelling van werk tot 1 oktober 2024.
De stelling van wederzijds goedvinden werd eveneens verworpen. Werkneemster had geen recht op loon, vakantiegeld of vakantie-uren na 26 augustus 2024. De werkgever mocht het te veel betaalde loon over augustus 2024 terugvorderen, inclusief incassokosten en rente. De proceskosten werden aan werkneemster opgelegd. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.