Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de voorzieningenrechter van 4 december 2025 in de zaak tussen
[verzoeker], uit Vlaardingen, verzoeker
de burgemeester van de gemeente Vlaardingen, de burgemeester
Samenvatting
.Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
Procesverloop
.Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. De woning is feitelijk gesloten op 30 oktober 2025.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
- één doos met 1.000 plastic verpakkingszakken;
- één doos met 24 rollen doorzichtige verpakkingstape;
- één tas met een digitale weegschaal;
- één bigshopper met onder andere de diverse goederen.
Toetsingskader
.Voor de uitvoering van haar discretionaire handhavingsbevoegdheid heeft de burgemeester beleid [1] opgesteld. In dit beleid staat in welke gevallen de burgemeester in principe overgaat tot sluiting van een woning. Uit de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) volgt wat het toetsingskader voor de rechter is in geval van uitoefening van een discretionaire handhavingsbevoegdheid op basis van een beleidsregel, om te beoordelen of de burgemeester binnen de grenzen van zijn beoordelings- en beleidsvrijheid is gebleven. [2] Het dient te gaan om een doeltreffend, afschrikwekkend en evenredig handhavingsbesluit. Daarbij dient de burgemeester ten aanzien van de evenredigheid te bepalen of het besluit geschikt, noodzakelijk en evenwichtig is. [3]
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe en schorst het bestreden besluit met ingang van 30 januari 2026 tot drie weken na de bekendmaking van het besluit op bezwaar.
- treft de voorlopige voorziening dat de woning vanaf 30 januari 2026 voorlopig weer open mag;
- draagt de burgemeester op het door verzoeker betaalde griffierecht van € 194,- te vergoeden;
- veroordeelt de burgemeester in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 1.814,-