ECLI:NL:RBROT:2025:3469
Rechtbank Rotterdam
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor verhuis-, inrichtings- en stofferingskosten wegens reeds gemaakte kosten
Eiser verzocht het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam om bijzondere bijstand voor verhuis-, inrichtings- en stofferingskosten. Het college wees deze aanvragen af omdat de kosten op het moment van de aanvragen niet meer bestonden, aangezien eiser deze al had voldaan. Het college handhaafde dit besluit na bezwaar.
De rechtbank toetste het beroep van eiser tegen deze afwijzing. Volgens artikel 35 van Pro de Participatiewet is bijzondere bijstand alleen mogelijk voor noodzakelijke kosten die zich voordoen en niet kunnen worden voldaan uit andere middelen. De rechtbank bevestigde dat eiser niet voldeed aan de voorwaarden omdat de kosten al waren betaald vóór de aanvraagdatum.
Het college hanteert een buitenwettelijk begunstigend beleid, maar dit beleid werd consistent toegepast. De rechtbank concludeerde dat het college terecht de aanvragen heeft afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van bijzondere bijstand blijft in stand.