ECLI:NL:RBROT:2026:8549
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij leerlingenvervoer
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor leerlingenvervoer voor haar zoon voor het schooljaar 2025/2026. Het college van burgemeester en wethouders van Barendrecht heeft dit toegewezen voor de periode van 15 september 2025 tot 1 maart 2026. Eiseres was het niet eens met de beperkte duur van het vervoer en stelde beroep in tegen het bestreden besluit van 18 november 2025, waarin het college de toekenning handhaafde.
Tijdens de procedure gaf het college aan dat eiseres ondersteuning ontvangt via een traject van MEE Op Weg, gericht op zelfstandige begeleiding van haar kind. Na een evaluatiegesprek in februari 2026 besloot het college het leerlingenvervoer te verlengen tot 31 juli 2026, het einde van het schooljaar, en stelde het een nieuwe beschikking op 25 maart 2026 op. Eiseres maakte bezwaar tegen dit latere besluit, maar dit bezwaar is nog in behandeling.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het bestreden besluit niet-ontvankelijk is omdat het procesbelang ontbreekt. De toegewezen periode is verstreken en het college heeft het vervoer inmiddels verlengd. Eiseres kan met het beroep niet bereiken dat het vervoer wordt verlengd. Ook is niet gebleken dat zij schade heeft geleden. Het verzoek om een proceskostenvergoeding levert geen zelfstandig procesbelang op. Het beroep wordt daarom niet inhoudelijk behandeld en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep van eiseres is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel procesbelang.