ECLI:NL:RBSGR:2009:BI2444
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling Rwandees tot 20 jaar gevangenisstraf wegens foltering tijdens genocide in Rwanda
Joseph M., een 40-jarige Rwandees, werd door de rechtbank 's-Gravenhage veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf wegens foltering tijdens de genocide in Rwanda in 1994. De feiten betroffen meerdere ernstige misdrijven, waaronder het dwingen van een ambulance te stoppen, aanvallen op Tutsi-burgers en verkrachtingen met dodelijke afloop. De rechtbank oordeelde dat de misdrijven niet als oorlogsmisdrijven konden worden gekwalificeerd omdat de vereiste nauwe samenhang met de gewapende strijd ontbrak.
De Nederlandse rechter stelde universele rechtsmacht vast op grond van de Wet Oorlogsstrafrecht en de Uitvoeringswet Folteringsverdrag, aangezien verdachte zich in Nederland bevond bij aanvang van het onderzoek. Het strafrechtelijk onderzoek was omvangrijk en complex, met getuigenverklaringen uit Rwanda en andere landen, en diverse internationale samenwerkingen. Er was sprake van getuigenbeïnvloeding en verdwijning van getuigen, waarbij familieleden van verdachte betrokken waren.
De rechtbank formuleerde een kader voor de beoordeling van getuigenverklaringen en concludeerde dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan foltering, gepleegd door een burger die door overheidsfunctionarissen was uitgelokt en opzettelijk toegelaten. De ernst van de feiten werd benadrukt, waarbij de strafmotivering ook rekening hield met jurisprudentie van het Rwanda-tribunaal en de huidige praktijk van levenslange gevangenisstraffen in Nederland. De rechtbank sprak verdachte vrij van genocide wegens gebrek aan rechtsmacht en legde een gevangenisstraf van 20 jaar op, hoewel dit volgens de rechtbank onvoldoende recht deed aan de ernst van de feiten.
Uitkomst: Verdachte Joseph M. is veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf wegens foltering tijdens de genocide in Rwanda.