ECLI:NL:RBSGR:2011:BS1702
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- J.M.H. Rijken-Lie
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit wegens strijd met Terugkeerrichtlijn
Verzoeker, een Chinese vreemdeling verblijvend in vreemdelingenbewaring, verzocht om een voorlopige voorziening tegen het terugkeerbesluit van 8 juli 2011, waarin hem werd bevolen Nederland onmiddellijk te verlaten zonder een vertrektermijn van ten minste zeven dagen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het terugkeerbesluit in strijd is met artikel 7, eerste lid, van de Terugkeerrichtlijn, omdat de redenen om aan te nemen dat verzoeker zich zou onttrekken aan toezicht niet in wetgeving zijn vastgelegd zoals vereist door artikel 3, zevende lid, van de richtlijn. Hierdoor kon het vierde lid van artikel 7, dat een kortere vertrektermijn toestaat, niet worden toegepast.
De rechtbank stelde vast dat het nationale recht niet richtlijnconform kan worden geïnterpreteerd om objectieve criteria voor risico op onderduiken te bevatten en dat de Terugkeerrichtlijn rechtstreekse werking heeft. Daarom moest aan verzoeker een vertrektermijn van ten minste zeven dagen worden gegund.
Gelet op de redelijke kans van slagen van het bezwaar werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en de werking van het terugkeerbesluit geschorst totdat op het bezwaar is beslist.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en het terugkeerbesluit geschorst totdat op het bezwaar is beslist.