ECLI:NL:RBUTR:2011:BR4308
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens onrechtmatig besluit inzake geschiktheid rijbewijs na persoonsverwisseling
Eiser werd onterecht geconfronteerd met een besluit tot onderzoek van zijn rijgeschiktheid na een aanhouding op 8 mei 2006, waarbij twijfel bestond of de aangehouden persoon daadwerkelijk eiser was of diens broer. De rechtbank stelde vast dat het primaire besluit van 30 mei 2006 onrechtmatig was en dat verweerder dit al op 26 juli 2006 had kunnen herroepen, maar dit niet tijdig deed.
Eiser vorderde schadevergoeding voor diverse kosten en immateriële schade. De rechtbank oordeelde dat schade veroorzaakt door het onrechtmatige besluit voor vergoeding in aanmerking komt, maar dat schade die verband houdt met het besluit op bezwaar van 5 juli 2007 niet vergoed kan worden omdat dit besluit formele rechtskracht heeft.
De rechtbank wees schadeposten toe die voldoende concreet en onderbouwd waren, waaronder reiskosten, eigen bijdragen en griffierechten gerelateerd aan procedure I. De immateriële schade en andere posten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Verder werd vastgesteld dat de redelijke termijn niet was overschreden.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit van 24 juli 2009, herroept het primaire besluit van 26 maart 2009 en veroordeelde verweerder tot vergoeding van €330,04 aan eiser plus proceskosten van €874,00. Tevens werd het betaalde griffierecht van €150,-- aan eiser vergoed.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van €330,04 schade en proceskosten van €874,-- wegens onrechtmatig besluit.