Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Ontstaan en loop van het geding
- met dagtekening 24 juli 2004 voor het jaar 1998 (V.86), procedurenr. 11/903;
- met dagtekening 31 juli 2004 voor het jaar 1999 (V.96), procedurenr. 11/905;
- met dagtekening 7 augustus 2004 voor het jaar 2000 (V.06), procedurenr. 11/906;
- met dagtekening 14 augustus 2004 voor het jaar 2001 (V.16), procedurenr. 11/908;
- met dagtekening 30 juli 2005 voor het jaar 2002 (V.26), procedurenr. 11/910;
- met dagtekening 23 september 2006 voor het jaar 2003 (V.36), procedurenr. 11/912;
- met dagtekening 24 maart 2007 voor het jaar 2004 (V.46), procedurenr. 11/914;
- met dagtekening 2 september 2008 voor het jaar 2005 (V.56), procedurenr. 11/916;
- met dagtekening 5 september 2009 voor het jaar 2006 (V.66), procedurenr. 11/917;
- met dagtekening 2 januari 2010 voor het jaar 2007 (V.76), procedurenr. 11/918.
- met dagtekening 2 september 2008 over het jaar 1998 (V.87), procedurenr. 11/904;
- met dagtekening 2 september 2008 over het jaar 2000 (V.07), procedurenr. 11/907;
- met dagtekening 2 september 2008 over het jaar 2001 (V.17), procedurenr. 11/909;
- met dagtekening 2 september 2008 over het jaar 2002 (V.27), procedurenr. 11/911;
- met dagtekening 2 september 2008 over het jaar 2003 (V.37), procedurenr. 11/913;
- met dagtekening 2 september 2008 over het jaar 2004 (V.47), procedurenr. 11/915.
2.Feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
- de navorderingsaanslagen V.87, V.07, V.17 en V.27 plus de beschikkingen heffingsrente omdat die aanslagen moeten worden vernietigd;
- de (navorderings-)aanslagen V.86, V.96, V.06, V.16, V.26, V.36, V. 37, V.46, V.47, V.56, V.66 en V.76 plus de beschikkingen heffingsrente omdat die aanslagen moeten worden verminderd;
- de boetebeschikkingen omdat de boetes vernietigd moeten worden.
5.Proceskosten en immateriële schadevergoeding
De aanslagen met uitzondering van V.66 en V.76
6.Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vernietigt de navorderingsaanslagen V.87, V.07, V.17 en V.27 en de daarbij vastgestelde beschikking heffingsrente;
- vermindert de aanslagen V.86, V.96, V.06, V.26, V.36 en V.46 tot een naar een belastbaar bedrag van nihil met dienovereenkomstige vermindering van de heffingsrente;
- vermindert de navorderingsaanslag V.37 tot een naar een belastbaar bedrag van € 23.301 met dienovereenkomstige vermindering van de heffingsrente;
- vermindert de navorderingsaanslag V.47 tot een naar een belastbaar bedrag van € 24.857 met dienovereenkomstige vermindering van de heffingsrente;
- vermindert de aanslag V.56 tot een naar een belastbaar bedrag van € 6.810 met dienovereenkomstige vermindering van de heffingsrente;
- vermindert de aanslag V.66 tot een naar een belastbaar bedrag van € 50.169 met dienovereenkomstige vermindering van de heffingsrente;
- vermindert de navorderingsaanslag V.76 tot een naar een belastbaar bedrag van € 11.849 met dienovereenkomstige vermindering van de heffingsrente;
- vernietigt de boetebeschikkingen.
- veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van € 3.888,75;
- gelast dat de inspecteur het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 302 aan deze vergoedt;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: