Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het op 2 juni 2023 ter griffie ontvangen verzoekschrift met producties;
- het op 11 augustus 2023 ter griffie ontvangen verweerschrift met producties;
- de brief van 16 augustus 2023 van [verzoekster01] met producties;
- de brief van 17 augustus 2023 van [verweerster01] met producties;
- het e-mailbericht van 18 augustus 2023 van [verweerster01] met één productie;
- de brief van 18 augustus 2023 van [verzoekster01] met één productie;
- de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling van 21 augustus 2023;
- de ter mondelinge behandeling overgelegde pleitaantekeningen van de gemachtigde van [verzoekster01] ;
- de ter mondelinge behandeling overgelegde pleitaantekeningen van de gemachtigde van [verweerster01] ;
- de ter mondelinge behandeling overgelegde brief van de gemachtigde van [verzoekster01] van 20 april 2023;
- het ter mondelinge behandeling overgelegde e-mailbericht van [verzoekster01] van 8 mei 2023;
- het e-mailbericht van [verzoekster01] van 4 september 2023 met bijlagen;
- het e-mailbericht van [verweerster01] van 4 september 2023 met één bijlage.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Zinzia)). De kantonrechter moet bij het bepalen van de billijke vergoeding rekening houden met alle (uitzonderlijke) omstandigheden van het geval en die vergoeding moet daarbij aansluiten. Het gaat er uiteindelijk om dat de werknemer wordt gecompenseerd voor het ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Ook met de gevolgen van de ontbinding kan rekening worden gehouden, voor zover die gevolgen zijn toe te rekenen aan het verwijt dat de werkgever kan worden gemaakt. De billijke vergoeding heeft geen bestraffend doel, maar met de billijke vergoeding kan ook worden tegengegaan dat werkgevers ervoor kiezen een arbeidsovereenkomst op ernstig verwijtbare wijze te laten eindigen.
5.De beslissing
- een transitievergoeding van € 2.138,71 bruto te betalen;
- een billijke vergoeding van € 5.000,00 bruto te betalen;
- een bedrag gelijk aan € 2.860,09 bruto per maand vanaf 1 april 2023 tot 8 mei 2023;
- een bedrag gelijk aan 70% van € 2.860,09 bruto per maand vanaf 16 mei 2023 tot 1 november 2023;