ECLI:NL:RBZWB:2025:1541
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar en afwijzing ambtshalve vermindering belastingaanslagen 2016
Belanghebbende maakte bezwaar tegen aanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet over 2016, maar deze bezwaren werden door de inspecteur niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. Tevens werden verzoeken om ambtshalve vermindering afgewezen wegens overschrijding van de vijfjaarstermijn.
De rechtbank oordeelt dat de aanslagbiljetten rechtsgeldig zijn verzonden naar het door belanghebbende opgegeven adres in Marokko, dat de inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat de verzending via PostNL heeft plaatsgevonden, en dat het vermoeden van ontvangst niet is ontzenuwd door belanghebbende. De verklaring over de postbezorging in de betreffende wijk in Marokko betrof een latere datum en kon niet aantonen dat de postbezorging in 2019 onvoldoende was.
Omdat de bezwaren ruim na afloop van de termijn zijn ingediend, en geen sprake is van verschoonbare termijnoverschrijding, zijn de bezwaren terecht niet-ontvankelijk verklaard. Dit oordeel geldt ook voor de verzoeken om ambtshalve vermindering. De rechtbank komt niet toe aan inhoudelijke beoordeling van de aanslagen en de bijbehorende beschikkingen. Belanghebbende krijgt het griffierecht niet terug en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De beroepen tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de bezwaren en afwijzing van verzoeken om ambtshalve vermindering worden ongegrond verklaard.