ECLI:NL:RVS:2002:AE4636
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- M.G.J. Parkins-de Vin
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Rechtspraak.nl
Mandaatregeling strijdig met rechtszekerheid bij bouwvergunning verbouw kerk
De zaak betreft een bouwvergunning verleend voor de verbouw van een kerk te Gemert. De vergunning werd aanvankelijk door het hoofd Bouwen en Milieu verleend krachtens een mandaatregeling, maar burgemeester en wethouders verklaarden dit besluit onbevoegd en verleenden zelf de vergunning.
De Raad van State beoordeelde de mandaatregeling waarbij de gemandateerde zelf bepaalt of een zaak bestuurlijk gevoelig is. Dit bleek in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, waardoor het eerste besluit onbevoegd was genomen, maar niet van rechtswege nietig.
Verder betoogde appellante dat de vergunning onherroepelijk was geworden, maar de Raad oordeelde dat de latere besluitvorming en bezwaarprocedure dit tegenspraken. Ook werd vastgesteld dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan, omdat een showroom/kantoor werd ingericht, wat niet was toegestaan.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit tot weigering van de vergunning en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning wordt bevestigd.