ECLI:NL:RVS:2002:AF2864
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake ingangsdatum verblijfsvergunning asiel en categoriaal beschermingsbeleid
De zaak betreft een hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank die het beroep van een vreemdeling tegen de ingangsdatum van zijn verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd gegrond verklaarde. De vreemdeling had een verblijfsvergunning gekregen op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, van de Vreemdelingenwet 2000 met ingang van 1 juni 2001. De rechtbank vernietigde het besluit van de staatssecretaris en beval een nieuw besluit.
De Raad van State overweegt dat de vreemdeling wel belang heeft bij het betwisten van de ingangsdatum van de verleende vergunning, omdat deze datum bepalend is voor het moment waarop aanspraak ontstaat op een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd. Echter, de rechtbank heeft ten onrechte geoordeeld dat de vreemdeling belang heeft bij het betwisten van de grond waarop de vergunning is verleend, aangezien het wettelijk stelsel procederen op andere gronden zoveel mogelijk moet voorkomen.
Verder oordeelt de Raad dat de minister voldoende motivering heeft gegeven voor het voeren van een categoriaal beschermingsbeleid per 1 juni 2001, ondanks de periode van bijna acht maanden tussen het ambtsbericht en de invoering van het beleid. Gezien de beleidsvrijheid en de wisselende situatie in Sierra Leone is het beleid redelijk. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de ingangsdatum van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.