ECLI:NL:RVS:2004:AP4646
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- R.H. Lauwaars
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen last onder dwangsom wegens overtreding Wet milieubeheer op bedrijfslocatie te Houten
Groenverwerking De Trip B.V. kreeg op 10 januari 2003 een last onder dwangsom opgelegd door het college van gedeputeerde staten van Utrecht wegens overtreding van artikel 8.1 van de Wet milieubeheer op haar bedrijfslocatie te Houten. De dwangsom bedroeg € 10.000 per week met een maximum van € 80.000 en een begunstigingstermijn van drie weken.
Appellante voerde aan dat de illegale situatie spoedig gelegaliseerd kon worden, dat de milieuvergunning slechts gedeeltelijk niet in werking was getreden vanwege ontbrekende bouwvergunningen, en dat de dwangsom onredelijk hoog en onvoldoende gemotiveerd was. Ook betwistte zij de duidelijkheid over de locaties waarop de last betrekking had en vond zij de begunstigingstermijn te kort.
De Raad van State oordeelde dat de milieuvergunning inderdaad nog niet in werking was getreden omdat de bouwvergunning voor de snipperhal ontbrak. Echter was er geen concreet uitzicht op spoedige legalisatie. De overtreding bestond uit het verrichten van activiteiten zonder geldige vergunning, waardoor handhavend optreden gerechtvaardigd was. De last en dwangsom waren voldoende gemotiveerd, de locaties duidelijk omschreven en de begunstigingstermijn van drie weken redelijk. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wegens overtreding van de Wet milieubeheer is ongegrond verklaard.