ECLI:NL:RVS:2007:AZ6853
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- W.D.M. van Diepenbeek
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over weigering verstrekking afschrift proces-verbaal op grond van Wet bescherming persoonsgegevens
Het Openbaar Ministerie weigerde aan wederpartij een afschrift van het tegen hem opgemaakte proces-verbaal te verstrekken. Wederpartij maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze weigering. De rechtbank Arnhem oordeelde dat het beroep tijdig was ingediend en vernietigde het besluit wegens gebrekkige motivering, waarbij het OM werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Het College van procureurs-generaal stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State heeft overwogen dat het OM niet aannemelijk heeft gemaakt dat het besluit tijdig was verzonden, waardoor het beroep van wederpartij tijdig is ingediend. Tevens is geoordeeld dat de motivering van het besluit op bezwaar onvoldoende was, omdat niet concreet is toegelicht welke belangen en rechten van anderen het verstrekken van persoonsgegevens zou moeten verhinderen.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft voorts verduidelijkt dat de Wet bescherming persoonsgegevens een recht op mededeling van persoonsgegevens inhoudt, maar niet per se een recht op inzage in stukken waarin deze gegevens zijn opgenomen. Daarnaast is het beroep van het OM dat inzage in getuigenverklaringen de bereidheid tot medewerking aan strafrechtelijk onderzoek zou verminderen, verworpen wegens gebrek aan concrete onderbouwing.
De Raad van State verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.