ECLI:NL:RVS:2007:BB2523
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.H.M. van Altena
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verklaring van geschiktheid rijbewijs wegens alcoholmisbruik
Appellant verzocht het CBR om een verklaring van geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen categorieën B en E bij B, welke werd geweigerd wegens vermoedelijk alcoholmisbruik. De keurend arts stelde een diagnose van 'alcoholmisbruik in gedeeltelijke remissie' en adviseerde een verklaring voor beperkte termijn, maar het CBR besloot tot weigering vanwege een verhoogde CDT-waarde van 3,2% en een voorgeschiedenis van alcoholmisbruik.
Appellant voerde aan dat de CDT-waarde onbetrouwbaar was, dat er verschillende meetmethoden en laboratoriumverschillen zijn, en dat hem geen mogelijkheid tot contra-expertise was geboden, wat een schending van artikel 6 EVRM Pro zou zijn. De Raad oordeelde dat de gebruikte Axis-Shieldmethode wetenschappelijk aanvaard is en dat de grenswaarde van 2,6% internationaal consensus geniet.
De Raad stelde vast dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de verhoogde CDT-waarde een andere oorzaak had dan alcoholgebruik. Het verzoek tot contra-expertise was te laat ingediend. De Raad bevestigde dat het CBR terecht afweek van het advies van de keurend arts en het besluit tot weigering handhaafde. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de weigering van het CBR bevestigd.