ECLI:NL:RVS:2008:BD8353
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- D. Roemers
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging boetebesluit Wet arbeid vreemdelingen wegens onvoldoende bewijs
De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde een boete van €8.000 op aan een werkgever wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank Alkmaar vernietigde dit besluit wegens strijd met de Awb, omdat onvoldoende aannemelijk was dat de vreemdelingen arbeid hadden verricht.
De minister stelde in hoger beroep dat het proces-verbaal van de vreemdelingenpolitie voldoende bewijs vormde en dat de vermelding in het besluit over de Arbeidsinspectie een kennelijke verschrijving was. De Raad oordeelde dat hoewel de politie bevoegd is tot toezicht, het bewijs onvoldoende concreet was. Zo ontbrak informatie over de aard van de werkzaamheden en de taalbarrière werd niet adequaat onderzocht.
De verklaring van de vreemdelingen dat zij 'alleen hielpen' en de getuigenverklaringen dat zij voor zichzelf kookten, maakten niet aannemelijk dat zij arbeid in de zin van de Wav verrichtten. De Raad bevestigde daarom de vernietiging van het boetebesluit en veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van het boetebesluit wegens onvoldoende bewijs dat vreemdelingen arbeid verrichtten zonder vergunning.